
De baan met alleen maar voordelen
Buiten werken, in beweging blijven en bijdragen aan een schone leefomgeving: dat is de kracht van het werk bij de reiniging. Met vaste routes, duidelijke structuur en veel vrijheid voelt elke dag vertrouwd en toch afwisselend. Een baan waarin je het gebied leert kennen én zichtbaar verschil maakt.
Waar vrijheid begon
Na 2,5 jaar werken op een boerenbedrijf kwam voor Anne Bajema het moment dat hij dacht: ‘is dit het?’ Het boerenwerk vond hij prachtig, maar hij verlangde naar meer vrijheid. Daarom stapte hij in 1988 over naar het reinigingsteam van wat nu Gemeente Súdwest-Fryslân is. Een keuze die verrassend goed bleek te combineren met zijn boerenbestaan. Want toen Anne en zijn broer in 1997 hun eigen bedrijf startten, werd hij ineens agrariër én ambtenaar.
Buiten is waar hij thuishoort
Ruim 34 jaar werkt Anne inmiddels bij de reiniging, waarvan zo’n 25 jaar als chauffeur op de vuilniswagen. Best anders dan het boeren, en toch ook weer niet als je het Anne vraagt. “Je bent heerlijk buiten, je rijdt, je werkt met machines en je blijft ook nog eens fit,” zegt hij. Het fysieke werk past hem goed; het ritme van de dag, de vaste routes, het gevoel dat alles in beweging blijft.
Geen straat onbekend
Later maakte Anne de overstap naar het rijden van gerichte reinigingsroutes door de hele gemeente. Kapotte containers ophalen, prullenbakken legen, paden aanblazen: dagelijks draagt hij bij aan een schone leefomgeving. “Inwoners helpen mee door meldingen te doen. Zo houden we het samen netjes.”
Zijn routes kent hij inmiddels uit zijn hoofd. “We zijn qua oppervlakte de grootste gemeente van Nederland, je komt echt overal. In het begin zag ik nog nieuwe plekken, maar nu ken ik bijna iedere straat op mijn duimpje.”
Een mens tussen mensen
Wat het werk bijzonder maakt, is het contact. “De boerderij is best een eiland, dus ik ben blij dat ik via het werk bij de gemeente zoveel mensen spreek,” vertelt Anne. Collega’s uit alle hoeken van de organisatie groeten hem onderweg en inwoners maken graag een praatje. Ook de vele bijrijders die in de loop der jaren achterop zijn vuilniswagen hebben gestaan, vergeet hij nooit. “Laatst herkende iemand mij na dertig jaar. ‘Wat een mooie tijd’, vertelde hij mij.”
Mooie tijd, mooie herinneringen
Van al die jaren springt één moment eruit: de Elfstedentocht van ’97. “Wij hielpen op het ijs, probeerden mensen van het ijs te houden, ijstransplantaties doen. Dat was prachtig.” Het bleef uniek, maar Anne geniet nog altijd elke dag van zijn werk. Nu hij bijna zestig is, kijkt hij vooruit naar zijn pensioen, maar niet zonder zijn resterende jaren bij de gemeente te koesteren. Want één ding weet hij zeker: het ís een mooie tijd.